Tijdens de opening zal kunstcriticus Frits de Coninck een inleiding geven in het werk van beide kunstenaars.

Zowel Ronald Zuurmond als Julie van der Vaart zijn onderzoekende kunstenaars die ongrijpbare concepten als tijd en ruimte bestuderen en ze proberen op te rekken. Terwijl Van der Vaart in haar fotografie tijdsmomenten vereeuwigt, over elkaar schuift en in elkaar laat overlopen, bouwt Zuurmond laag voor laag aan zorgvuldig geschilderde ruimtes. In hun beelden doemen herkenbare vormen op van menselijke figuren, lichaamsdelen, natuurlijke elementen of gebruiksvoorwerpen; net genoeg om het te laten lijken op wat we kennen, maar voldoende abstract ook om het beeld weer te laten vervluchtigen, in raadselen te hullen en de nieuwsgierigheid van de beschouwer stevig in de greep te houden.

 


 

Julie van der Vaart

Julie van der Vaart Galerie Wilms

Julie van der Vaart


Julie van der Vaart (1988) is een vaste kunstenaar van Galerie Wilms. Recent verscheen bij uitgeverij Void haar boek Blind Spot, waarin haar werk van de afgelopen zes jaar is gebundeld in één uitgave.

In de tentoonstelling tonen wij haar recente serie ‘Black Cloud’; een project over
de vloeibaarheid van het zijn en de ervaring van Julie van der Vaart met depersonalisatie. De titel is ontleend aan Fred Hoyle’s SciFi-roman The Black Cloud uit 1957, die gaat over een intelligente, buitenaardse entiteit in de vorm van een enorme gaswolk. Dit idee, van een wezen dat geen substantiële of vaste vorm heeft, diende als inspiratie.

“Gedurende mijn hele leven heb ik momenten beleefd waarop ik voelde dat mijn wezen niet in dit lichaam zat, niet beperkt werd door de grenzen van mijn huid. Waar bevindt het zelf zich? Is het in het lichaam, het hart, de geest?
Of is het vloeibaarder, strekt het zich uit buiten het lichaam, als een energetisch veld? Zijn wij als driedimensionale wezens beperkt in ons begrip van de werkelijkheid? En wat ís werkelijkheid? Mijn werk draait om deze vragen.”

Julie van der Vaart is een fotografisch kunstenaar geboren in Maastricht, Nederland, wonend en werkend in België. Na een Master in Fine Arts, Fotografie aan de Media, Arts & Design-faculteit Genk en een Master na Master-programma van Onderzoek in Kunst en Design aan Sint Lucas Antwerpen deed ze een residentie van een jaar aan de Van Eyck Academie in Maastricht, waar ze zich richtte op de productie van zelf gepubliceerde fotoboeken. Sinds 2020 wordt ze ondersteund door het Mondriaan Fonds, met het stipendium voor gevestigde kunstenaars, en sinds 2021 neemt ze deel aan de tweejarige internationale Masterclass Reflexions 2.0.

 

 


Ronald Zuurmond Galerie WilmsRonald Zuurmond

Het zoeken naar het beeld is het handschrift van Ronald Zuurmond (1964). De dingen die hij schildert zijn er al. Hij hoeft ze alleen maar te zien, achteloos, vanuit de ooghoeken. Ze zijn een soort aanleiding, een begin. De rest is hard werken en overwegen. Je zou die manier van schilderen kunnen vergelijken met het werk van de dichter. De eerste regel van een gedicht is een cadeauregel, de rest is zwoegen. Trial and error. De vergelijking met de dichter geldt ook in andere zin. Net als de dichter zich een vorm kiest, zo kiest Zuurmond het schilderij. Zo’n keuze is een beperking waarbinnen de mogelijkheden zich ontvouwen. De vrijheid ervaar je in beperking, dat is de paradox van de vorm. Wat het sonnet is voor de dichter, is het schilderij voor hem. Ronald Zuurmond is een schilder die altijd opnieuw uit moet zoeken hoe hij het moet doen. Elk doek is een opstap naar het volgende, in zekere zin haken de schilderijen in elkaar. “Als je tegen een muur aanloopt, moet je het nog een keer doen. Pas dan weet je het zeker. En op het moment dat je iets zeker denkt te weten, is het weer voorbij.”

Een woord dat in een gesprek met Ronald Zuurmond om de haverklap opduikt, is ruimte. Die ruimte schept hij in technische zin door laag op laag te schilderen, vaak over eerder mislukte schilderijen heen, en hier en daar de verf weer weg te schrapen. Alsof hij een gordijn wegtrekt. Dat gebeurt met een zekere snelheid die belangrijk is om de nodige afstand tot het doek te bewaren. De ruimte in het schilderij strekt zich voor hem uit van voor naar achter, veel meer dan van links naar rechts. De dingen die hij schildert moeten bewegen in die ruimte, zowel in het platte vlak als in de diepte. “Je moet tegelijk een doorkijk hebben en een weerstand voelen waartegen het oog opbotst. De ruimte is voor mij zowel fysiek als psychologisch. Je moet als kijker door die ruimte heen kunnen, je moet mee kunnen bewegen. Je moet stap voor stap in de ruimte van het schilderij kunnen treden. Het gaat mij nooit om een perspectivische ruimte, ik wil niet dat het schilderij iets anders suggereert dan het fysiek is.” tekstfragment Frits de Coninck